BELEEF DE BAJESVERHALEN VAN VEENHUIZEN

Laat je meenemen naar het oude Veenhuizen met verhalen vol spanning en humor.  

MEER DAN 15400 LEZERS GENOTEN VAN BAJESVERHALEN

CLEMENS VAN DEN BRINK

Clemens van den Brink groeide op tussen bewakers en gedetineerden in Veenhuizen. De verhalen die daar jarenlang onder de pet bleven, bundelde hij in maar liefst vier boeken.

Samen met zijn zoon Ivo geeft hij de verhalen nu opnieuw uit, door oude beelden met AI nieuw leven in te blazen. Alsof je er met je neus bovenop staat.

Het eerste deel – Bajesverhalen Veenhuizen, met vijftig verhalen tot 1940 is inmiddels verschenen. Aan het volgende deel, met verhalen over de periode 1940‑1960 wordt nu hard gewerkt. Lees op de Over  ons pagina hoe de verhalen tot stand kwamen en waarom Veenhuizen een wereld op zichzelf was.

De Mannen van de Turfcentrale

Achter in het dorp, waar de centrale dreunde als een orgel: hier werkten de mannen die heel Veenhuizen van licht voorzagen. Met turf als brandstof.

De Man wiens Naam verdween

De ambtenaar schreef op wat hij hoorde. En wat hij hoorde was niet altijd wat de man bedoelde. Zo verloor Willem zijn naam en bijna zijn identiteit.

Smitje krijgt Lik op Stuk

Veldwachter Smit, bijgenaamd Smitje, hield de jeugd van Veenhuizen scherp in de gaten. Tot een grap met wc-tonnen hem een lesje leerde.

Ouwe Jan en de Rechter

Ouwe Jan vond zijn plek als tuinman in Veenhuizen. Buiten kon hij niet aarden en zorgde een bizarre rechtszaak ervoor dat hij terugkwam.

Achtervolging over de hei

1880: vijf gevangenen ontsnappen uit Veenhuizen en vluchten het Fochteloërveen in. De achtervolging door veldwachters eindigt in een gewelddadige strijd.

Poep op de Stoep

De waterwagenploeg, de strontkar en de poepdoos: sanitair in Veenhuizen was een zaak apart. En soms ook een bron van onverwacht vermaak.

Tuinman, Schuurtje!

Een baantje in de tuin van een ambtenaar was goud waard in Veenhuizen. En wie geen vrienden had, spitte in het veen. Zo simpel was het.

De Molenaar van Maallust

De molenaar was geen gevangene, maar een ambtenaar van Justitie. Hij voorzag Veenhuizen van meel en woonde in het huis Maallust, zijn hele leven.

Verstopt in de Stopperij

De stopperij was de laatste plek waar je een gevangene zou zoeken — en precies daarom de eerste.

Spuwende Pruimers

Tabakspruimers, spuwbakken en honderd hangmatten in één ruimte. Zo zag het dagelijks leven op de zalen van de Veenhuizer gestichten eruit.

De Macht van de Bajes-Barbier

In Veenhuizen knipte de bajesbarbier gevangenen voor tabak of spek. Met tondeuse en scheermes had hij onverwacht veel macht in het gesticht.

De Timmerknecht uit Workum

Voor één aalmoes kreeg een timmerknecht drie jaar Veenhuizen. Een waargebeurd verhaal over armoede en heropvoeding.
Scroll naar boven